LidwoordAfbeeldingsresultaat voor lidwoord
Staan voor een zelfstandig naamwoord.
de, het en een

Het woordje het  kan ook wel eens een andere woordsoort zijn.

Heb je moeite met het vinden van het goede lidwoord? Deze site kan je helpen.
Als je anderstalig bent dan Nederlandstalig moet je de goede lidwoorden die bij de zelfstandige naamwoorden horen, uit je hoofd leren.

 

Zelfstandig naamwoord
Mensen, dieren, planten, dingen, begrippen, natuurverschijnselen, namen.

 

 

Bijvoeglijk naamwoord Afbeeldingsresultaat voor ouwe fiets
Zegt iets over een zelfstandig naamwoord, bv. de mooie fiets.
Staan meestal voor een zelfstandig naamwoord, maar kunnen ook erachter staan.
Het meisje is slim.

 

Werkwoord
Werkwoorden zijn woorden die aangeven wat er wordt gedaan (doe-woorden). Werkwoorden kunnen in een zin de handeling aangeven.

Voorbeelden van werkwoorden
doen, geven, nemen, paardrijden, lopen, kletsen, slapen, gapen, schrijven, drinken, eten, gaan, zijn, worden, typen

 

 

VoorzetselAfbeeldingsresultaat voor voorzetsel
Geven aan waar, wanner of waarom.
Je kunt een voorzetsel zetten voor de kast of de vakantie. Op het plaatje zie je voorbeeld bij de kooi.

Voorbeelden
in, op, door, tussen, naast, voor (de kast)
tijdens (de vakantie)

 

 

Telwoorden Afbeeldingsresultaat voor telwoorden
Een telwoord is een woord dat een aantal of een volgorde weergeeft.

Er zijn twee soorten telwoorden: hoofdtelwoorden en rangtelwoorden.
Beide soorten telwoorden kun je weer onderverdelen in bepaalde– en onbepaalde telwoorden.

Afbeeldingsresultaat voor telwoorden

 

Hoofdtelwoorden geven een aantal of nummer weer.

Bepaald hoofdtelwoord (je weet precies hoeveel):
één, twee, vijf, tien, vijftig, honderd, duizend, honderdduizend, miljoen…

Onbepaald hoofdtelwoord (je weet niet hoeveel):
weinig, minder, minst, veel, meer, meest, enkele, enige, alle, zoveel, sommige…

Rangtelwoorden geven de rangvolgorde in een rij weer.

Bepaald rangtelwoord (je weet precies om de hoeveelste het gaat):
eerste, tweede, vijfde, dertigste, vijfenveertigste, honderdste, duizendste…

Onbepaald rangtelwoord (je weet het niet precies):
laatste, hoeveelste, middelste, zoveelste…

 

 

Persoonlijk voornaamwoord Afbeeldingsresultaat voor persoonlijk voornaamwoord
Vervang een zelfstandig naamwoord
Wijzen / duiden mensen, dieren of dingen aan.
ik, jij, jullie, wij, hij, enzovoort.

Afbeeldingsresultaat voor persoonlijk voornaamwoord

 

 

 

 

 

Bezittelijk voornaamwoord Afbeeldingsresultaat voor honden metbot
Geeft een bezit aan.
Staat altijd voor een zelfstandig naamwoord
jouw fiets, mijn schooltas

Let op: me is geen bezittelijk voornaamwoord
me fiets, me vader, me oma is geen goed Nederlands en dus fout.
Deze pagina vertelt daar meer over.

 

Aanwijzend voornaamwoord Afbeeldingsresultaat voor wijzende baby op arm
Wijst iets of iemand aan
Die, dat, deze, dit.

 

 

 

 

Vragend voornaamwoord Afbeeldingsresultaat voor vraagteken
Deze vind je in een vraagzin.
Wie, wat, welke, wat voor, wat voor een

 

 

Bijwoord
Een bijwoordelijke bepaling die uit één woord bestaat.
Ik sta | om half acht | op.
Ik sta | vroeg | op.

Verschil bijvoeglijk naamwoord en bijwoord
Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een zelfstandig naamwoord.
Een bijwoord hoort juist bij woorden in de zin die géén zelfstandig naamwoord zijn.

 

Bewaren

Please follow and like us: